De hemel observeren

21 augustus 2013 door Vincent Van Eylen in Observaties

  

``Jij werkt in Denemarken? Is het daar dan beter om naar de sterren te kijken?'' Die vraag krijg ik regelmatig om de oren, en al zijn er heel wat redenen waarom ik graag in Aarhus werk - een heldere sterrenhemel is er in elk geval geen van. 

 

Er zijn maar enkele plaatsen in de wereld waar de meeste grote telescopen zich bevinden, ongeacht wie deze financiert. Op het zuidelijk halfrond is Chili de bekendste locatie, in het noorden zijn dat Hawaii en La Palma. Dat laatste behoort tot de Islas Canarias, de Spaanse archipel voor de kust van Marokko die vooral bekend is vanwege de hotelcomplexen op Tenerife en Gran Canaria. Afgelopen week trok ik er naartoe - nota bene op een vlucht van Thomas Cook - om sterrenkundige data te verzamelen. 

(Sterrenhemel boven Roque de las Muchachos, La Palma, gefotografeerd op 10 augustus 2013 door collega Jens Jessen-Hansen. De melkweg is duidelijk zichtbaar in het midden van de foto, net als een meteoriet net links er van. Rechts onderaan valt op de heuveltop de koepel van de Nordic Optical Telescope waar te nemen. Copyright Jens Jessen-Hansen.)

 

Ideale condities 

De vulkanische bergen lokken wel wat toeristen naar het beboste eiland (La Isla Verde), maar vergeleken met de drukke luchthaven op Gran Canaria biedt La Palma een oase aan rust. Die kenmerken maken het tot een uitstekende locatie voor sterrenkundige observaties: weg van al te veel lichtvervuiling, een stabiel klimaat en 2400 meter boven het zeeniveau. Dat laatste maakt dat, zelfs wanneer het op het eiland bewolkt is, de telescopen op de Roque de los Muchachos vaak toch nog van een blauwe hemel kunnen genieten. 

 

 

 

Broederlijk naast elkaar

Daarom staan op de beste Europese locatie de telescopen broederlijk naast elkaar opgesteld. Zo vind je er de Spaanse Gran Telescopio Canarias (GTC), die met een spiegel van maar liefst 10.4 meter de grootste optische telescoop ter wereld is. Daarnaast zijn er de Britse telescopen: de Isaac Newton Telescope (2 meter) en de William Herschel Telescope (4.2 meter). De Nordic Optical Telescope (2.5 meter), waar mijn observaties plaats vonden, wordt gezamelijk uitgebaat door de Denen, Zweden, Finnen, Noren en de Ijslanders. Ook de Italianen zijn van de partij met 350 centimeter spiegel in de Telescopio Nazionale Galileo

 

Zo kunnen we nog wel even doorgaan met telescopen van verschillende groottes, waarbij de kleinsten vaak volledig van op afstand kunnen worden bediend. Zeker wel nog het vermelden waard is de Swedish Solar Telescope, die uitsluitend (overdag) het oppervlak van de zon observeert. Ten slotte zijn ook de Belgen goed vertegenwoordigd, met de door de KU Leuven bediende telescoop Mercator.

 

(Nordic Optical Telescope)

 

 

 

(Mercator telescoop) 

 

Samen sterk

Zo kan ik ook meteen antwoorden op de openingsvraag van dit stukje. Of je als sterrenkundige nu in Belgie of Denemarken aan de slag bent, de observaties gebeuren meestal toch op dezelfde plaats. De grote concentratie aan telescopen op de vulkanische berg biedt trouwens nog enkele extra voordelen. Zo is de plaatselijke residentie voorzien op sterrenkundigen die overdag slapen en in de namiddag aan de ontbijttafel aanschuiven. De weinige gebouwen zijn allen voorzien van blinderingen, om zeker geen licht naar buiten te laten ontsnappen. Wie toch 's nachts moet rondwandelen, gebruikt zo weinig mogelijk licht en richt zijn zaklamp zoveel mogelijk naar de grond. Bovendien voorziet de plaatselijke wet in preventie van lichtpollutie en mogen vliegtuigen niet over het observatorium vliegen.

 

 

Hoog, maar niet in de ruimte

Ondanks de erg goede omgevingsfactoren, blijft het weer ook in La Palma soms onvoorspelbaar. Wanneer een sterrenkundige data wil bekomen, schrijft hij of zij een aanvraag met een wetenschappelijke verantwoording, en dient deze in bij een of meerdere - meestal overbevraagde - telescopen. Wanneer een bepaalde nacht wordt toegewezen, kan men enkel hopen dat het weer de observaties ook toelaat - anders is de nacht onherroepelijk verloren, en zit er niks anders op dan een nieuwe aanvraag in te dienen.

 

Het is dus niet voor niks dat men voor metingen graag naar de ruimte uitwijkt. Niet alleen zijn er geen wolken, maar er is zelfs helemaal geen storende aardatmosfeer om metingen te beinvloeden. Bovendien kan men er veelal dag en nacht meten. Er zijn echter ook enkele nadelen. Het benodigde budget is al snel een veelvoud van de ground-based telescopes, en verbeteringen aanbrengen of herstellingen uitvoeren is al snel problematisch. Afgelopen week nog kwam de bekendmaking dat NASA de pogingen staakt om de Kepler-satelliet opnieuw met volle precisie werkende te krijgen.

 

Ikzelf was in La Palma om gedurende twee nachten te observeren. De eerste nacht waren de condities uitstekend. De tweede nacht speelde de bewolking ons een ganse nacht parten, en was het tot de ochtend proberen om toch wat bruikbare data te verzamelen. Dat is wetenschap. 

 

 

(Samengesteld beeld van de bewegende nachtelijke sterrenhemel boven La Palma, gedurende vier uur en 450 foto's, met behulp van de softwaretool StarStax. Credit en copyright: Jens Jessen-Hansen.) 

Een reactie geven